De Griekse suite
Julie Smit, manager en oprichtster van Hotel-Boekenlust, en Jan van Lent, fotograaf en filmmaker, wonen sinds 2003 op het Griekse eiland Lesbos. Elke week verschijnt er een column van Julie Smit en een foto van Jan van Lent.
Honden- en kattenbellen
14 November 2006
We hebben 15 katten en 3 honden. Schrik niet. Dit aantal behoeft alleen in de winter volledige verzorging. In de zomer gaan de honden ontbijten in het naburige hotel en liggen ze de godganse dag de toeristen te vermaken aan het zwembad. Ook vele katten zwermen uit naar huizen waar de tijdelijke bewoners hen extra kunnen verwennen.
Etenstijd (vorig jaar).
Maar wanneer de hotels gesloten zijn en de huizenhuurders naar huis zijn, komt iedereen weer terug naar zijn stek en kook ik pannen vol pasta, draai ik enorme blikken hondenbrokken open (die zijn goedkoper dan kattenblikjes) en sleep ik zakken vol kattenbrokjes aan. We zorgen ervoor dat alle vrouwtjes gesteriliseerd worden en ik huil dikke tranen wanneer er katten verdwijnen. Want een katten- of hondenleven op dit eiland is geen lang leven beschoren. Wanneer ik ze 's morgens eten geef, duikt een hongerige menigte katten en honden op me af als ik de deur uitkom. Een nieuweling, Ptolemeus, springt zelfs met vier poten tegelijk tegen je aan, zet zijn nagels in je benen voor wat meer grip en hoopt zo de etensbak als eerste te bereiken. Ik doe verwoede pogingen het hem af te leren (wat heel moeilijk is met een heel grote etensbak in je handen). Net zoals ik serieuse pogingen onderneem om een van de honden, Albino, af te leren dat hij zich niet fixeert op Homerus Wiggle. Dit is een jong poesje en nieuw familielid, dat na een ongeluk besloot te overleven en op de achterkant van een poot loopt wegens heupletsel en een slecht geheelde voetbreuk. Zijn staart gaat als een wichelroede altijd tik-tik-tik heen en weer. Het Wildlife Hospital in Agia Paraskevi heeft hem 2 weken in observatie gehad, maar besloten dat deze kleine kunstenaar in het overleven zo door het leven kan. Een kat heeft zeven levens, wordt wel gezegd. Homerus Wiggle heeft er al twee verbruikt. 's Morgens gaat het namelijk zo: Vrini, de hond van de overburen die 's winters ook deel van de familie uitmaakt, raakt altijd zo opgewonden als het eten (of zijn baas) eraan komt, dat hij als een wildeman in de rondte gaat rennen en krijgertje gaat spelen met de katten. De oudere katten zijn eraan gewend geraakt en blijven onverstoord zitten en ook onze derde nieuwe, kleine poes Wittgenstein trekt zich niets van deze heisa aan. Maar arme Homerus Wiggle, die niet snel uit de voeten kan, vindt deze heksenketel doodeng en probeert zich met slepend achterpootje uit de voeten te maken, wat Vrini en Albino aanzet om op hem te jagen. Zo trof ik enkele dagen geleden een vrolijk blaffende Vrini aan naast Albino die arme Homerus Wiggle woest in zijn bek heen en weer zwaaide. Ik ontplofte. Ik pakte een stok en vloog Albino aan, die Homerus Wiggle liet vallen. Die spoot er onmiddellijk vandoor. Albino droop met de staart tussen zijn benen af onder mijn gedreig en Vrini legde ik aan de riem vast. Dat had ik ook wel met Albino willen doen, maar Albino heeft op de een of andere manier een afgrijselijke hekel aan vastzitten. Toen we hem ooit eens aan een touw legden, heeft hij een hele dag gestaan met een strak getrokken touw. Iemand vertelde me dat ik hem misschien eraan kon laten wennen door hem de riem om te doen en die vervolgens los te laten. De dag dat ik dit experiment uitvoerde en de riem losliet, vloog Albino als een hazewindhond zo snel (hij is geen hazewindhond, maar meer een soort Schnautzer) er vandoor en durfde 2 dagen niet meer thuis te komen. De morgen dat hij Homerus in zijn bek had en ik dacht dat Homerus al zijn zeven levens had verbruikt, stond ik voor een serieus probleem. Wat moet je met een hond die zich niet helemaal thuisvoelt tussen al die katten en regelmatig naar ze hapt? Ik was serieus van plan hem een spuitje te geven, want vind maar eens een tehuis of een asiel voor hem op dit van in-de-steek gelaten-katten-en-honden-vergeven eiland. De derde hond, Rockie, slaapt, eet, droomt, speelt en beklimt de katten, als was er totaal geen verschil tussen een hond en kat. Zijn enige probleem is dat hij als een stofzuiger vliegensvlug eerst zijn eigen bak eten leeglebbert, dan vrolijk een boer laat en zich vervolgens op de bak van de katten wil storten, die zijn eettempo bij lange na niet halen. Ik heb hem dit afgeleerd, maar moet er wel bij blijven staan, anders hebben de katten alsnog het nakijken. Albino werd echter gered door Homerus Wiggle, die de ochtend na het incident voorzichtig en ongeschonden met hevig zwaaiende staart kwam aanzwabberen. Ik schroefde mijn veroordeling op, maar ik heb Albino wel heel ernstig verteld dat hij op proefverlof is. Tot nu toe lijkt hij dit te begrijpen. Ik was door dit gedoe behoorlijk uit mijn doen. Het was zo'n dag waarop je al die beesten vervloekt en hoopt dat je nooit zoveel dieren onder je hoede had genomen. Zondagmorgen toen de rust was wedergekeerd, stond ik naar ze te kijken terwijl iedereen at. Als appel tel ik de katten door hun kleuren te controleren: 2 grote grijze en 2 kleine grijze, 3 grote rode plus 1 kleine rode, 2 wit-grijze, 1 wit met zwart en 1 zwart met wit, 1 alles-kleurige en de 2 binnenkatten, die binnen eten krijgen. Iedereen compleet. Tot ik opeens 3 grijs-witten telde. Iets klopte niet. En vervolgens trad er in mijn blikveld een wit-rode poes. Die kleur hebben we helemaal niet in onze verzameling. En opeens stapte daar een hele stoet onbekende katten het terrein op. HELP! Het bleken de katten van het naburige hotel te zijn, die aan hun lot zijn overgelaten. Gelukkig waren de etensbakken net leeg en hadden ze niet in de gaten dat ze een ontbijt gemist hadden. Toen ze ook geen menselijke aandacht kregen (dat kostte me uiteraard heel veel moeite) en onze katten zich hadden verspreid om hun ontbijt te verteren, taaiden ze gelukkig weer af naar hun hotel. Het hotel had deze zomer 26 katten! Als je de manager vroeg wat er dan van de winter met ze gebeurde, dan zei hij doodleuk: "Die moeten hun eigen weg vinden. De sterksten overleven". Gggggrrrfffffff. Want ik weet waar die katten kunnen overleven, maar no way dat ik hier een hotelkattenasiel ga openen. Vorig jaar heb ik de 3 overgebleven katten van dat hotel wel opgenomen, 3 is een overzichtelijk getal. Maar 26 katten?!!! Deze tijd van het jaar is vreselijk hier. Je ziet overal ontheemde katten en honden op zoek naar eten en baasjes. Ik probeer er niet meer bij stil te staan en kijk een andere kant op. Gisteravond zag ik zelfs een vosje gemoedelijk naast 2 katten zitten. De Grieken moeten nog heel wat leren over dierenbeleid. En ik moet mijn hart stalen en leren met ze om te gaan. Wanneer een hondentrainer raad voor mij heeft over Albino, dan hoor ik dat graag. Ik heb geen verstand van honden, ik ben meer een kattenvrouwtje. Het verhaal over hoe ik dan toch aan 3 honden kom, bespaar ik u.


