De Griekse suite
Julie Smit, manager en oprichtster van Hotel-Boekenlust, en Jan van Lent, fotograaf en filmmaker, wonen sinds 2003 op het Griekse eiland Lesbos. Elke week verschijnt er een column van Julie Smit en een foto van Jan van Lent.
'Ik vertrek'
4 december 2006
Vandaag kreeg ik een mailtje van een lezer met vragen die me heel vaak gesteld worden. Over hoe het is om hier te komen wonen. Mijn eerste reactie is natuurlijk: helemaal te gek. Maar wonen op Lesvos is niet voor iedereen weggelegd.
Een huisje in Griekenland.
De grootste vraag die u zich moet stellen is: kan ik financieel rondkomen op Lesvos? En dan moet u niet rekenen op een baantje hier. Er is best wel eens werk in bars of restaurants te vinden, maar alleen maar voor enkele maanden. Bovendien worden deze baantjes heel slecht betaald. De lonen liggen hier nu eenmaal laag en ervan leven is een kunst die je pas verstaat als je een doorgewinterde Griek bent. Wanneer je een eigen zaak op het eiland wilt beginnen, moet je een heel lange adem hebben, want Griekenland is een land van ontelbare regeltjes en stempeltjes waar het als buitenlander heel moeilijk is de weg in te vinden. De meeste ambtenaren spreken geen tweede taal en vaak heb je het idee dat je van het kastje naar de muur wordt gestuurd. Zaken regelen zoals een telefoon of ADSL aanvragen, een auto kopen of een huis bouwen, zijn zulke grote avonturen dat al menige buitenlander er een boek over heeft geschreven of er een hartkwaal aan heeft overgehouden. Indien u toch een baantje in Griekenland wilt vinden, is het vanzelfsprekend dat u het Grieks een beetje onder de knie heeft. Is Grieks een moeilijke taal om te leren? Nèèèèè. Tenzij u jong bent of een talenknobbel heeft, zal het heel wat inspanning vergen de Griekse taal machtig te worden. De snelste manieren: een Griek trouwen (een Griekse is heel wat moeilijker!) of een intensieve taalcursus in het land zelf volgen. Een andere belangrijke vraag die u u zichzelf moet stellen, is: wat ga ik doen op Lesvos? Je kunt de hele dag gaan wandelen en tochtjes maken over dit wonderschone eiland, je kunt voorbijkomende ezeltjes tellen, de chortazoekers van koffie voorzien, de aangereden dieren naar een dierenarts brengen, je kunt verdwaalde toeristen de weg wijzen, je kunt elke dag koffie gaan drinken in de haven, de hele dag in een kafenion rondhangen en je volgieten met ouzo, zelf een hengel pakken en je geluk met de vissen uitproberen, je kunt een praatje aanknopen met een Griekse boer in je gebrekkige Grieks, je kunt een dag meehelpen olijven plukken tot je rug zo pijnlijk is dat je een week je bed moeten houden of je kunt dagen wachten op de timmerman die toch niet komt. Er is genoeg te doen, maar is dat wel wat u wilt? 's Zomers is er vertier genoeg op het eiland. De terrassen zitten vol, de stranden zijn een verkoeling op de hete dagen, de openluchtbioscoop draait af en toe interessante films. 's Winters gaat echter de helft van de mensen die hier werkt naar huis, de mensen die hier wonen, gaan naar hun familieleden of kinderen in Athene of Thessaloniki, de toerist is een zeldzaamheid, de meeste winkels gaan dicht, het overgrote deel van de restaurants sluit en zo bent u min of meer op uzelf aangewezen. Kunt u financieel rondkomen op het eiland, staat u open voor de taal en maakt u vorderingen omtrent het goedendag zeggen, afscheid nemen, dankjewel, welterusten, gefeliciteerd en goede reis zeggen, weet u zeker dat u zich na twee maanden niet te pletter zult gaan vervelen, dan zijn de eerste stappen genomen. De laatste stap is de behendigheidstest in het 'mens-erger-je-niet'-spelletje. Wanneer je je niet ergert aan geiten en schapen in je tuin, je de ronddolende ezels de baas kunt, al het zwerfafval geen doorn in je oog is, je geduldig wacht wanneer een Griek de straat blokkeert als hij zonodig even met iemand wil praten, je je niet groen en geel ergert aan roekeloos rijgedrag, je het romantisch vindt wanneer voor de zoveelste keer het licht uitvalt, je niet te hard van stapel loopt met het verzamelen van zielige poesjes, je je schouders ophaalt wanneer je de ramen potdicht moet doen, omdat ze weer eens de afvalhoop in de hens hebben gestoken waarbij niet al te gezonde luchtjes vrijkomen, je niet te veel lacht wanneer je de loodgieter je nieuwe boiler op z'n Grieks ziet aansluiten, je je niet ergert aan alle kieren in het huis waardoor de ijskoude wind zich een weg weet te banen, je niet kwaad wordt als de bank voor weken achtereen staakt, je niet bang bent voor een mindere gezondheidszorg (tenslotte is dit een eiland), dan ben je waarschijnlijk wel opgewassen tegen het Lesvosche leven. Wanneer u al deze stappen met succes denkt te kunnen nemen en u zeker weet dat u uw georganiseerde leventje wilt inruilen tegen een Grieks avontuur, dan kunt u met een gerust hart uw koffers pakken en heet ik u welkom op het paradijselijke Lesvos.

