De Griekse suite
Julie Smit, manager en oprichtster van Hotel-Boekenlust, en Jan van Lent, fotograaf en filmmaker, wonen sinds 2003 op het Griekse eiland Lesbos. Elke week verschijnt er een column van Julie Smit en een foto van Jan van Lent.
I cry for you, Greece
27 augustus 2007
Terwijl nog vele branden onverminderd voortrazen door Griekenland, is de noodtoestand uitgeroepen in het gehele land en zijn er drie dagen van rouw afgekondigd. De drie dagen zijn al bijna om, het aantal slachtoffers blijft stijgen en nog dagelijks breken er tientallen nieuwe branden uit. Deze ramp is niet af te doen met drie dagen rouw. Dit is een algemene maar langzaam verlopende ramp, die zijn weerga niet kent in de Griekse geschiedenis.
Zwart.
Vanaf zaterdag tonen de tv-stations non-stop, naast de beelden van het vuur, eindeloze debatten tussen Griekse notabelen en taferelen van presentatrices die ogenschijnlijk niet geraakt de meest hartverscheurende telefoongesprekken beantwoorden van burgemeesters die om hulp vragen en beschrijven hoe dicht de vlammenzee hun dorp genaderd is, van kwade mensen die niet begrijpen waarom er geen hulp hun kant uitkomt. Woorden en tv-beelden schieten tekort om de ramp volledig in beeld te brengen. Ook de cijfers over het steeds wisselend aantal branden kunnen het leed niet in beeld brengen. "Griekenland brandt", luidden verschillende krantenkoppen. Griekenland huilt. Want het is om te huilen wanneer je dorpsbewoners en huiseigenaren verbeten ziet vechten tegen huizenhoge vlammen die hun eigendommen bedreigen: ze vechten met takken, emmers en tuinslangen, maar in de meeste gevallen tevergeefs. De regering is opgehouden met commentaar leveren. Zij ligt nu zelf hevig onder vuur wegens een falende hulpverlening. Premier Karamanlis legt de schuld bij brandstichters, maar je maakt mij niet wijs dat de tientallen branden die elke dag opnieuw oplaaien, allemaal door gewetenloze mensen zijn beraamd. Nee, de Griekse regering moet zich inderdaad rot schamen. En niet alleen de huidige regerende partij Nea Dimokratia. Ook de Pasok, die Griekenland jarenlang heeft geregeerd, is schuld aan het falende systeem dat duizenden dorpsbewoners niet te hulp kan schieten. Het boekje 'Oriste, een reiswijzer Griekenland', uitgegeven door Teleac-NOT in 1999, heeft op pagina 154 onder het kopje 'Brandweer' staan: "Een van de meest zorgelijke ontwikkelingen is wel het steeds toenemende aantal bosbranden, en de volstrekt tekortschietende bestrijding. Tot voor kort was bosbeheer verantwoordelijk, maar onlangs is de verantwoordelijkheid overgedragen aan de brandweer. Geruzie tussen beide diensten en gebrekkige uitrusting, in combinatie met vaak extreme temperaturen, doen de zaak geen goed. Het is goed te weten dat in een droog land als Griekenland een weggegooide peuk al een enorme ramp kan veroorzaken." De Griekse regering staart zich blind op volksvijand nummer één: Turkije. Ze investeert zwaar in het militaire apparaat. Maar ze is de andere vijand vergeten: het vuur. Op een dag dat Griekenland werd geteisterd door maar liefst tegen de 180 bosbranden, waren er zo'n 1000 brandweermannen in de weer. Ze werden bijgestaan door 20 blusvliegtuigen en 19 helikopters. Hoe kun je nou greep proberen te krijgen op zoveel branden met zo weinig manschappen en zo weinig materieel? Het is maar al te makkelijk om de schuld te schuiven in de schoenen van landeigenaren die hun land veel meer waard zien worden als de bomen erop zijn verdwenen, of van vastgoedhandelaren die in een afgebrand terrein een ideale bouwplaats zien. Natuurlijk zal een aantal van de branden op hun conto kunnen worden bijgeschreven, maar ik vrees dat er nog meer oorzaken zijn, die de regering van een modern land al lang beter had moeten aanpakken. Heeft de regering ervoor gezorgd dat de illegale dumpplaatsen uit het Griekse landschap zijn verdwenen? Je kunt geen wandeling maken hier in de natuur of je ziet tenminste één illegale vuilstortplaats. Er hoeft daar maar een fles bij te liggen die als vergrootglas fungeert en hoppa: een vuurtje! Heeft de regering er spoed achter gezet om voldoende afvalverwerkingsfabrieken te bouwen zodat de legale stortplaatsen overbodig worden? Vorig jaar veroorzaakte een legale vuilnisberg een grote brand nabij Thessaloniki waarbij de nodige giftige stoffen vrijkwamen. Hier in Molyvos is het gelukkig nog niet zo ver gekomen, maar wanneer in het najaar de vuilnis weer in de hens wordt gestoken om de berg te doen slinken, houd je je hart vast. En dan heb ik het nog geeneens over de giftige rook die je dagenlang voor je kiezen krijgt. Dan maakten sommige nieuwsuitzendingen ook melding van vonken regenende electriciteitspalen. Ook hier op Lesvos heb je van deze vonken rondstrooiende palen. We hebben er zelfs een hier naast het huis staan. Vooral in de winter, wanneer het regent of stormt, zorgen deze palen regelmatig voor een knetterend vuurwerk. Eenmaal zag ik zo'n klein brandje ontstaan. Maar dat was gelukkig in de winter, toen je alleen maar van droogte en hitte kon dromen. Net zoals de Chinezen de schuld krijgen van het duurder worden van de melk in Europa, krijgen nu de brandstichters de schuld van de ramp in Griekenland. De regering moet zich schamen. Over enkele weken, op 16 september, zijn er verkiezingen. Vroeg in het rampenweekend voelden de lijsttrekkers van de grote partijen (Nea Dimokratia, Pasok en de KKE, de communistische partij) zich geroepen hun verkiezingscampagnes op te schorten en zich naar de brandhaarden te spoeden. Nu alle kritiek pas goed is losgebarsten, houden ze zich koest, bang om een foute beweging te maken. Delen van het campagne-geld worden netjes gestort in de rampenfondsen, maar van een woedende volksmassa is het moeilijk te voorspellen wat ze gaat doen. De grootste hitte is voorbij, maar de weerberichten blijven hoge temperaturen voorspellen. De branden zijn bij lange na nog niet geblust. Tegen de tijd dat Griekenland naar de stembus moet gaan, zullen het geblakerde landschap, het menselijke drama en de ecologische én economische ramp pas goed in kaart te brengen zijn. Het zullen ongekend verhitte verkiezingsdagen worden.


