De Griekse suite
Julie Smit, manager en oprichtster van Hotel-Boekenlust, en Jan van Lent, fotograaf en filmmaker, wonen sinds 2003 op het Griekse eiland Lesbos. Elke week verschijnt er een column van Julie Smit en een foto van Jan van Lent.
Ken uw klassiekers
18 April 2006
Twee weken geleden kreeg ik van een trouwe lezeres* uit Australië een boek opgestuurd van Betty Roland: 'Lesbos, the pagan island'. Deze Australische schrijfster verbleef in 1961 enkele maanden op het eiland en doet in het boek hierover haar verslag dat twee jaar later in Australië werd gepubliceerd. Na die 45 jaar, toch alweer bijna een halve eeuw die is verstreken sinds Betty Roland op het eiland verbleef, lijkt het eiland niet veel te zijn veranderd, behalve dan dat er massa's huizen en mensen bij zijn gekomen.
De ingang van de Golf van Yera gezien vanuit het kerkje bij Agias Hermionas.
De trekpleisters op het eiland waren in de jaren 60 in ieder geval nog hetzelfde: het middeleeuws aandoende Molyvos, het bergdorp Agiasos dat op 15 augustus Maria Hemelvaart viert, het Taxiarchis Klooster bij Mandamados, Agia Paraskevi met zijn paardenfeest en de rituele slachting van een stier en Sigri wegens zijn versteende bomen. Met Molyvos had de schrijfster niet zulke goede ervaringen, tenminste, wat betreft haar huisvesting. Je kunt het je nu nauwelijks voorstellen, maar nadat ze haar kamer had opgezegd wegens gemis aan privacy, kon ze geen huis vinden dat iemand haar wilde verhuren. Ondanks dat er veel leegstond. Ze was uiteindelijk genoodzaakt om naar Mytilini te gaan, waar ze zonder problemen een aangenaam huis vond om de resterende maanden van haar verblijf in door te brengen. Het is een interessant boek om te lezen, te meer omdat er zoveel in te herkennen valt. De wegen lijken onveranderd slecht, ondanks dat vele rijbanen tegenwoordig zijn geasfalteerd. In Molyvos woonden behalve een klein aantal Grieken slechts twee Engels sprekende buitenlanders: meneer Kester en de Duitse Helmut. Ze moesten het doen met slechts één taverne. Zomers echter stroomde het dorp in die jaren net als nu in de zomer vol met toeristen, ook al was er toen nog amper een hotel. Maar natuurlijk is er wel het een en ander veranderd. Betty Roland beschrijft Eftalou als een plek waar zo'n 10-12 huizen aan zee zijn gebouwd, omgeven door walnootbomen. Waar zijn de walnootbomen gebleven? En waar zijn de crocussen gebleven die zij beschreef in de lente in Molyvos? Volgens mij groeien die alleen maar op bepaalde hoogten op het eiland, dus heeft ze misschien wat bloemetjes door elkaar gehaald... Nog meer verrassingen had het boek in petto. Roland's weg naar Agiasos voerde langs de Golf van Yera. Hier, werd haar verteld, meerde Odysseus zijn schepen toen hij na de slag van Troje zijn weg naar huis zocht. Hij ging aan wal en wilde de beroemde cycloop zien. Hij raakte opgesloten in de Grot van de Cycloop waar Poliphemus, de mensenetende reus met één oog, zijn geiten molk en vervolgens wat mannen uit Odysseus manschappen oppeuzelde. Door een list wisten Odysseus en zijn resterende mannen te ontsnappen, ook aan de grote rots die hen uit kwaadheid achterna werd gegooid. Deze Rots van de Cycloop moet ergens aan de Golf van Yera staan. Nooit geweten. Surfend over het internet vond ik geen bevestigend verhaal. Wel een interessante verhandeling over oude wijnen. Odysseus gaf de cycloop Poliphemus wijn te drinken om hem te verdoven, zodat het vervolgens een fluitje van een cent was om Poliphemus blind te steken met een lange stok die in het vuur was verhit. In de tijd van Odysseus waren de beroemdste wijnen die van de eilanden Tasos, Lesvos, Chios en Naxos. Wie weet, werd Poliphemus dankzij een Lesvosche wijn bedwelmd en overwonnen. Troje ligt niet ver van Lesvos, dus het is logisch dat er na de vernietiging van deze oude stad helden en andere legers bij het eiland zijn geweest. Homerus zelf beschrijft in de Odysseus dat het Myceense leger bij Lesvos gezelschap kreeg van Menelaos, waar ze debateerden over hoe ze verder terug naar huis zouden varen. Odysseus kwam niet rechtstreeks naar Lesvos, hij had zijn eerste avontuur op het Eiland van de Lotuseters, voor hij de Cycloop tegenkwam. Maar goed, Homerus kwam van het buureiland Chios, en wie weet, heeft hij de schone natuur van Lesvos gebruikt voor de avonturen van Odysseus. Wat Homerus niet wist, was dat de Golf van Yera eeuwen later de veilige haven zou vormen voor fameuze piraten, waaronder de beruchte broers Barbarossa. Misschien dezelfde piraten die ooit Mandamados hadden verwoest. Het Taxiarchis klooster bij Mandamados is nu bekend om zijn ikoon van de aartsengel Michael, die volgens een overlevering werd geschilderd door een monnik omdat hij als enige een overval op zijn klooster door piraten overleefde. Bette Roland heeft hierover echter een heel andere versie geschreven. Het dorp Mandamados is gebouwd tussen heuvels zodat het veilig verstopt lag voor aanvallen vanuit zee. Het geheim van het dorp werd op een dag verraden door een boer die op de velden buiten Mandamados aan het werk was en door piraten werd overvallen. Hij werd gedwongen de plek van Mandamados prijs te geven en zo werd het dorp net als zijn bewoners met de grond gelijk gemaakt. De man die het dorp had verraden werd vrijgelaten en overzag de ravage die hij indirect had aangericht. Met door bloed doordrenkte aarde tekende hij een gezicht op een rots met ogen die voor eeuwig naar het afschuwelijke tafereel leken te kijken. Later werd het dorp herbouwd. De nieuwe bewoners legden stenen rond het portret en bouwden er later een kerkje omheen. Omdat het gezicht de mensen in hun dromen bleef storen, werd zijn portret van de steen gehaald en tot een icoon omgetoverd. Van die dag af geschiedden de wonderen. Lammen gingen weer lopen en blinden weer zien. Tot op heden worden nu de zieken naar het Taxiarchis Klooster gebracht in de hoop op nog een wonder. En zo zit dit eiland, net als waarschijnlijk de meeste eilanden, vol met verhalen die verder worden verteld, in boeken terechtkomen en weer worden uitgedragen. Het enige dat ik me afvraag is waarom Betty Roland voor haar boek de subtitel 'Het heidense eiland' heeft gekozen. Ze is hier op het eiland door menig priester ontvangen, ze heeft zelfs de nacht doorgebracht in het hooggelegen Ypsilou klooster. Lesvos is alles behalve heidens. De kerkjes schitteren je in elk landschap tegemoet en nog steeds verrijzen op de onmogelijkste plekken nieuwe kerkjes. Aanstaande weekend, wanneer het Orthodox Pasen wordt gevierd, zul je lang moeten zoeken op het eiland naar een Griek die deze dagen niet naar de kerk gaat. *Met dank aan Edwina Green.


