Joseph Boyden - Door het zwarte sparrenwoud

"Canadese roman over een Indiaanse bushpiloot en zijn nichtje die in de modellenwereld verstrikt raakt." 
sparrenwoud2.jpg

Joseph Boyden - Door het zwarte sparrenwoud

Wild in de wildernis

 

De Cree-indianen vormen de grootste groep oorspronkelijke bewoners van Canada. Moosonee, in het noordoosten van Ontario, ligt aan de rivier Moose, die uitkomt in de Hudson Baai. Het stadje ontstond in 1903, uit een nederzetting van pelsjagers. Het merendeel van de paar duizend inwoners van het stadje Moosonee is Cree, zoals de familie Bird. 

 

Moosonee was door zijn geïsoleerde ligging afhankelijk van alleen een treinverbinding en vliegtuigen. Will Bird was een bekende bushpiloot, die ervan genoot iedereen overal heen te vliegen. Totdat er iets vreselijks gebeurde, waarna Will’s leven stroomafwaarts ging. Will trok zich terug in zijn blokhut tussen de sparrenbomen buiten het stadje, verviel met zijn fles whiskey tot een zonderling en werd bang.

 

Ondanks de geïsoleerdheid zijn de drugs ook Moosonee binnen gedrongen en worden de kinderen ‘vergiftigd’ door de bende van Marius Netmaker, die de drugs verhandelt. Het probleem is dat Will’s nichtje Suzanne er vandoor is gegaan met Marius’ broer Gus. Na een verblijf in Toronto en later in New York, zijn beiden spoorloos verdwenen. Marius is ervan overtuigd dat Will iets met de verdwijning heeft te maken en tegen de politie heeft geklikt.

 

De twee staan elkaar naar het leven en Will is dan ook doodsbenauwd om Marius en kornuiten tegen te komen, elke keer als hij naar de stad gaat.

 

Het boek begint echter met Will die in coma ligt in het plaatselijke ziekenhuis. Zijn trouwste bezoeker is de oudere zus van Suzanne, Annie, die krijgt te horen dat het comapatiënten zou kunnen helpen om tegen ze te praten. Terwijl Will in zijn comateuze dromen zijn kant van het verhaal aan zijn twee nichtjes uit de doeken doet, vertelt Annie haar ‘slapende’ oom over haar ervaringen in Toronto en New York, waar ze op zoek naar haar zusje was gegaan.

 

En zo raakt de lezer in twee heel verschillende werelden. Nadat hij het vliegen had opgegeven, leefde Will zoals zijn voorouders, van de jacht en wat pelshandel. Op een gegeven moment trekt hij zelfs naar een verlaten eiland waar hij hoopt te kunnen overleven. Van zijn vader had hij geleerd dat er in de wildernis maar drie dingen belangrijk zijn: vuur, voedsel en beschutting. En dat zijn dan ook de drie elementen waarvoor Will moet vechten.

 

Annie raakt in Toronto in de modellenwereld verzeild, in de sporen van haar zusje, en laat zich zelfs overhalen om een modellencarrière te beginnen. Terwijl Annie thuis ook het liefst in de wildernis verbleef, kan ze de geneugten van de grote stad en het flitsende modellenleven niet weerstaan. Ook al staat haar carrière in de schaduw van haar verdwenen zusje, die iedereen leek gekend te hebben, Annie stoomt door tot in New York, waar ze de ware wereld van glamour en glitter beleeft.

 

Het verhaal over het schuchtere indianenmeisje dat kennismaakt met het bruisende stadsleven is echter wel het minst overtuigend van het verhaal. Annie ontmoet in Toronto een oude indiaan die haar voorspellingen doet, waarmee ze haar zusje hoopt te vinden en zelf lijdt ze aan toevallen, waarbij ze een soort hallucinaties krijgt, die ook naar de toekomst wijzen. Maar geen van die voorspellingen lijken een rol te spelen in het verhaal. Ook Gordon, de niet-sprekende indiaan die ze krijgt meegestuurd als bescherming, wordt tot een cliché. Deze zwerver ontpopt zich als een knappe jongen die door Annie naar zijn roots wordt teruggevoerd, waarna de liefde zeker niet kan uitblijven.

 

Het verhaal van Will is echter het meest boeiende verhaal van het boek. Eens een held in zijn vliegtuigje, is Will vervallen tot een twijfelende man, bang voor Marius, strijdend tegen een teveel aan whiskey. Zijn depressiviteit leidt tot eenzaamheid, die hem weer aanzet tot vriendschap met een oude beer. Terwijl hij zijn hele leven beren schoot, is hij nu op een punt in zijn leven gekomen dat hij probeert een beer in leven te houden. Hoe verder hij wegzakt in zijn moedeloosheid, hoe meer hij gaat praten tegen het geweer dat hij van zijn vader had gekregen. Maar er komt een punt dat ook Will inziet dat hij iets moet ondernemen om zijn leven te redden. Hij neemt drastische maatregelen, die hem tenslotte in de absolute wildernis doen belanden.

 

De verhalen van Will en Annie spelen niet alleen in twee verschillende werelden, ze zouden ook heel goed zonder elkaar kunnen. Het is maar dat Annie een nichtje van Will is en ze haar favoriete oom haar stadsavonturen vertelt, in de hoop dat hij ontwaakt uit zijn coma. Will had net zo goed zijn verhaal direct aan de lezer kunnen vertellen, in plaats van aan zijn nichtjes. De sterke familieband is aandoenlijk, maar niet onmisbaar in het verhaal.

 

‘Door het zwarte sparrenwoud’ is echter wel de opvolger van Boyden’s debuutroman ‘Driedaagse reis’, waarin twee Cree-indianen dankzij hun bush ervaringen beruchte sluipschutters in de Eerste Wereldoorlog worden. Will Bird is de zoon van een van deze twee helden. De schrijver werkt aan een derde roman voor deze Cree- of familietrilogie.

 

‘Door het zwarte sparrenwoud’ is een mooi geschreven verhaal, vooral indrukwekkend dankzij het innemende verhaal over de onzekere Will Bird en zijn leven in de wildernis: een ruige man die probeert zijn geruïneerde leven weer op orde te krijgen.

 

JOSEPH BOYDEN - DOOR HET ZWARTE SPARRENWOUD (Through Black Spruce, vert. Josephine Rijnaarts), De Bezige Bij 2009

 

Leeslinks

 

Indianen in Canada:

Michael Crummey - Rivierdieven

Elisabeth Hay - Nachtradio

« Terug

bol

Bestel
Joseph Boyden - Door het zwarte sparrenwoud
via de internet boekhandel bol