Tomas Lieske - Retourschip De Liefde

"Onwerkelijke werkelijkheid" 
retoerschipdeliefde.jpg

Tomas Lieske - Retourschip De Liefde

Nederlandse roman over een vrouw uit de 21ste eeuw die verzeilt raakt op een schip uit de 17de eeuw.
 
Sjón – De jongen die nooit heeft bestaan
IJslandse roman rondom een jongen die gek is op film.
 
Twee kleine verhalen die draaien om de werkelijkheid, en waarvan de hoofdpersonen, toevallig, beide geld verdienen met prostitutie.
 
Het is een curieus gegeven: op reis in Indonesië en de Filippijnen verlaat een jonge vrouw haar schip waar muiterij is uitgebroken en wordt door een stel Chinese vissers op een vreemde kust afgezet, waar ze een gestrand koopvaardijschip tegenkomt van de VOC, met een vijfkoppige bemanning die menen te leven in 1654.
Het verhaal Retourschip De Liefde krijgt een patstelling: wordt de hoofdpersoon en vertelster van het verhaal, Florianne Dodenbier, voor de gek gehouden, of heeft de bemanning te doen met een volslagen geschifte vrouw die vol vreemde verhalen zit?
Florianne lijkt op het eerste gezicht een doorsnee moderne vrouw: ze verdient weliswaar haar geld met seks, bezoekt de flitsende shows van Madonna en is tevreden met haar leven.
Haar verleden was echter niet zo rooskleurig: vechtpartijen thuis, gescheiden ouders, opgroeien in een tehuis. Dat zet een stempel. Bovendien was ze zo ontevreden over zichzelf dat ze op 8-jarige leeftijd besloot om opnieuw geboren te worden.
Ze doet nogal nuchter over haar redding in de Zuid-Chinese zee, en wanneer ze op vijf mannen stuit die ogenschijnlijk eeuwen geleden leven, blijft ze koelbloedig de situatie observeren, probeert aansluiting te vinden bij de mannen en krijgt de ervaring van haar leven, die ze niet snel wilt vergeten.
 
Ook de IJslandse schrijver Sjón goochelt met de werkelijkheid in zijn nieuwe roman De jongen die nooit heeft bestaan. Hier is de jonge hoofdpersoon zo verslaafd aan bioscoopbezoeken dat werkelijkheid en film moeilijk uit elkaar zijn te houden. Maar hoe vervreemdend de tekst ook soms is (terwijl bij Lieske alles de gewoonste zaak van de wereld lijkt), het verhaal dat zich in Reykjavik afpeelt rond het einde van de Eerste Wereldoorlog, blijft reëel: een jongen die zich prostitueert aan andere mannen voor het geld, en die in de ban raakt van stadsgenote Sola Gudb. De uitbarsting van vulkaan Katla, de griepepidemie en de onafhankelijkheid van Denemarken zijn het historische kader, waarbinnen deze jongen de werkelijkheid probeert af te schermen met zijn fantasie, afkomstig van het witte doek.
 
Tomas Lieske heeft zich deze keer in een situatie proberen te verplaatsen die knarst en piept aan alle kanten. Juist omdat de hoofdpersoon een koelbloedige tante is, die nergens van lijkt op te kijken, ook niet van een schip dat in een andere werkelijkheid bestaat. Hij introduceert haar jeugd in razend tempo en op haar reis krijg je het gevoel dat Florianne een behoorlijk arrogant type is.
Sjóns hoofdpersoon, de jonge Mani, probeert zijn gevoelens juist weg te stoppen, maar de lezer krijgt wel mee waar achter. Voor Mani, die door de stad zwerft, zijn dromen achternajaagt en wanneer de griepepidemie uitbreekt zich inzet om te helpen, vat je meteen sympathie op.
 
Je zou kunnen redeneren dat Florianne tijdens de redding op de Stille Zuidzee iets zo vreselijks is overkomen, dat haar fantasie er een mooi verhaal over heeft gemaakt. Tenslotte is het ook niet duidelijk of Pi daadwerkelijk met een Bengaalse tijger op een reddingsboot overleefde, of dit verhaal heeft opgemaakt om de gruwelijkheden van zijn schipbreuk te verdringen (zie: Het leven van Pi). Maar in een radio-interview beweert Lieske dat hij juist geen psychologische roman wilde schrijven en wars is van alles wat naar psychologie ruikt. Dus worden we overgelaten aan gissingen. En dat is jammer, want zijn roman mist net het stukje geloof dat je in een verhaal moet hebben.
 
Dat geloof vinden we wel degelijk in Sjóns boek, die in stevig tempo, maar duidelijke taal Mani introduceert en daarbij mooie en sympathieke beelden oproept. Dit is een verhaal waar je ín kruipt, dat je aan het denken zet over de geschiedenis van die vreselijke griepepidemie, en doet meeleven met een jongen die als een halve wees door het verhaal zwerft, vol met dromen en uitdagingen, en die zijn lot gelaten ondergaat.
 
In wezen hebben Florianne en Mani enkele dingen gemeen. Ze zijn niet te beroerd om geld via prostitutie te verdienen en ook niet om twee werkelijkheden in hun leven op te nemen. De schrijvers en hun verhalen zijn echter heel verschillend: Lieske, die ogenschijnlijk zonder met zijn pen te knipperen een onreële werkelijkheid aan de lezer presenteert, terwijl Sjón de onwerkelijkheid werkelijkheid laat worden. Bovendien heeft Sjón met zijn krachtige schrijven wederom bewezen dat hij tot de top behoort van schrijvers van dat kleine landje IJsland, dat zoveel mooie literatuur produceert. Hij weet je ziel te raken. En Tomas Lieske? Zijn schrijven mag er ook zijn, maar het verhaal raakt je ziel niet. Hij heeft teveel afstand van zijn hoofdpersonage genomen, waardoor ook het mysterieuze verhaal over het VOC-schip geen snaartje beroert.
 
Tomas Lieske – Retourschip de Liefde, Querido 2015
Sjón – De jongen die nooit heeft bestaan (Mánasteinn, drengurinn sem aldrei var til, vert. Marcel Otten), De Geus 2015
 
Leeslinks
Van Tomas Lieske:
Lieske, Tomas - Dünya
Lieske, Tomas - Franklin
Lieske, Tomas - Nachtkwartier
Lieske, Tomas - Gran café boulevard
En kleurrijk avonturenverhaal over de scheepvaart in de 16de eeuw:
Eli Brown – Buskruit en kaneel
Van Sjón:
Sjón, - Blauwvos
Sjón, - De fluisterende muze
Nog een mooi verhaaltje over Reykjavik:
Nicola Lecca – Het laatste concert
 

  

« Terug

bol

Bestel
Tomas Lieske - Retourschip De Liefde
via de internet boekhandel bol