Tomas Lieske - Gran café boulevard

"Nederlandse roman over een Spaanse schone en een jongen uit het Hollandse moerasland." 
boulevard.gif

Tomas Lieske - Gran café boulevard

Terug naar de pluimzegge, drijftillen en fonteinkruid

Ze ontmoeten elkaar in de trein die op weg is naar Bilboa. Het is 25 juni 1944 en meestervervalser Alexander Rothweill kan een ordinaire dief die een meisje haar geld afhandig maakt in de treincoupé later in de gang aftroeven met een valse politiepenning en zo het geld zelf inpikken.
Pili Eguren, die jong is en net uit het klooster, is echter niet op haar achterhoofd gevallen en vermoedt dat de netjes geklede heer Alexander Rothweill de berover is. Wat ze niet vermeldt als ze elkaar een jaar later dan eindelijk beter leren kennen.
Pas als ze een innig liefdespaar vormen en wanneer de Spaanse bodem te heet wordt onder de voeten van Alexander en hij Pili meeneemt, eerst naar Parijs en vervolgens naar zijn geboorteland, vertelt Pili Alexander dat ze weet dat hij haar geld indertijd heeft gepikt en dat zij hem met gelijke munt zal terugbetalen.
Na hun romantische uitspattingen komt het stel in 1951 aan in het Zuid-Hollandse moerasland nabij Leiden waar Alexander Taco Albronda blijkt te heten en zijn broer Fedde nog net als in hun jeugd niet geliefd is in de buurt en als een vieze zonderling met vleermuizen leeft.
De warme liefde lijkt niet bestand tegen wat er in het moerasland al zoal naar boven komt en Pili zal haar wraak nemen.

Net zoals Tomas Lieske reeds in zijn vorige romans liet zien is hij een schrijver die verder gaat dan jeugdherinneringen of relaties in nuchter Nederlands te beschrijven. Niet alleen zijn fantasie, maar ook vleugjes magie maken zijn verhalen zeer on-Nederlands.
Een groot deel van het verhaal speelt in het warme zuiden waar de Spanjaarden weliswaar onder Franco zuchten, maar de levenslust en warmte van de straten sprankelt. Het eigenlijke verhaal gaat terug naar de vlakke Hollandse bodem en het waterland van moerassen en norse boeren die 'wat ie niet kent niet vreten wil.'
De familie Albronda komt uit Friesland en trekt vlak bij Leiden in een grote boerderij, wat bij de keuterboertjes uit de omgeving al scheve ogen geeft. De kinderen Albronda, Taco, Fedde, Hanna en Pieke, worden door de plaatselijke jeugd gepest en ook al wordt Hanna een keer gered door een overvliegend vliegtuig dat volgens Taco de reddende engel was die hij stilletjes in zijn onmacht opriep, deze godshulp was nergens te bekennen toen de ouders op ongelukkige wijze verongelukten en de twee zusje later in het niets verdwenen.
Taco wil verder dan de moeraslanden en gaat naar Parijs om fotograaf te worden. Na een zeer beschamende vertoning trekt hij als Alexander Rothweill verder naar Italië en tenslotte naar Spanje waar hij Pili ontmoet die zijn grote liefde wordt.
Pili's ouders werden door het Franco-regime vermoord, waarna Pili eerst 2 jaar rondzwerft als varkenshoedster en vervolgens in een klooster voor wezen wordt gestopt. Als ze later door een tante liefdevol in huis wordt opgenomen en een adembenemende jongedame is geworden spoken wraakgedachten door haar hoofd en is ze niet vies van meesteroplichter Alexander Rothweill die haar uit Italië al het mooist mogelijke ondergoed brengt.
Enigszins gehard door het leven heeft Pili later helemaal geen moeite om bij Alexander's broer Fedde te wonen wiens huis meer op een varkensstal lijkt. En voelt ze zelfs een beetje affectie voor de boerse man die voor zijn vleermuizen leeft en van afvalvlees het meest afschuwelijke boereneten op tafel zet.
Het zijn drie prachtige hoofdkarakters bij elkaar: de meestervervalser die aan het mooie leven hecht, de schone dame die in het verleden varkenshoedster is geweest en de boerenzoon die zich opsluit in een aftandse boerderij en als hobby vleermuizen houdt. Het verhaal komt tesamen in het troebele moeraswater, wat Tomas Lieske meesterlijk poëtisch weet te omschrijven. De mensen saai, niet ruimdenkend en vals, de bodem vol watervalkuilen. Nog even wordt de dorpse omgeving opgeluisterd door een buitenlander die een voor die tijd utopisch plan heeft om met de hulp van de Braziliaanse architect Oscar Niemeyer het Hollandse landschap in beton te vatten. In de laatste scène gaat het verhaal te water en krijgen we nog een prachtig haast surrealistische beschrijving van het waterland waar Nederland in geworteld is.
Net zoals zijn vorige roman 'Franklin' die in 2001 de Libris Prijs kreeg, is ook deze roman weer vol prachtige karakters die eenzaam proberen hun eigen doelen na te streven. Met mooie beschrijvingen van een stukje Nederland, maar bovenal een eigenzinnig verhaal vol verrassende wendingen en een vleugje magie. Precies wat we allemaal wel eens nodig hebben.

TOMAS LIESKE - GRAN CAFÉ BOULEVARD, Querido, 2003

Leeslinks
Van dezelfde schrijver:
Nachtkwartier
Franklin

Dünya
Een roman zich afspelend in de Hollandse klei:
Frank Noë - Het gemaal
Een magisch surrealistisch boek waar de natuur het overneemt:
Jacques Hamelink - Ranonkel

« Terug

bol

Bestel
Tomas Lieske - Gran café boulevard
via de internet boekhandel bol