Naomi Zucker - Benno's beer

"Een grote beer en een kleine jongen zijn elkaars beste vriend." 
bennobeer.jpg

Naomi Zucker - Benno's beer

In Benno's beer van Naomi Zucker gaan ze alle markten af, Benno en zijn vader. En Beer natuurlijk. Papa speelt op zijn accordeon, de beer danst en Benno graait vliegensvlug in de zakken van de toeschouwers. Elke dag en altijd op een andere plaats om niet herkend te worden halen ze met z'n drieën hun buit binnen. In de zomer veel en in de winter weinig. Het gaat altijd goed, want Benno heeft de les van zijn vader 'vlug erin, nog vlugger eruit' goed in zijn oren geknoopt. Maar die ene dag op de Hoofdmarkt wilde Benno te graag dat gouden horloge hebben. Zijn handen zijn te lang in de jaszak van die man in die dikke grijze overjas. Benno wordt gesnapt. Hij, zijn vader en Beer worden opgesloten in een politiecel.
Omdat Benno is opgeleid door zijn vader, stuurt de rechter papa naar de gevangenis. Beer krijgt een plaats in de dierentuin en de jongen zelf komt onder de voogdij van agent Pekche te staan. De Pekches zorgen goed voor Benno. Ze bieden hem een eigen kamer met een kacheltje en een warm bed aan, hij krijgt mooie, nieuwe kleren en drie keer per dag, elke dag opnieuw, staat er een lekkere maaltijd voor hem klaar. Benno kan zich niet voorstellen dat mensen dat allemaal zomaar voor hem doen. Hij denkt dat ze hem in de val lokken, zoals heksen doen in sprookjes. Dit wantrouwen is niet zo vreemd als je je bedenkt dat Benno het van jongs af ingeprent heeft gekregen door zijn vader. Alleen Rumitch, een medebewoner van de voormalige paardenstallen waarin ze wonen, wordt door papa 'eentje van onze soort genoemd'. De lezer heeft dan allang door dat die oude man niet in de haak is.
Toch lukt het Benno om zijn wantrouwen tegenover andere mensen te overwinnen. Het is een langzaam en moeizaam proces, dat door Zucker met een juiste dosis realiteitszin is beschreven. Eerst aftasten en anderen op de proef stellen om vervolgens stukje bij beetje meer van zichzelf te laten zien. Benno's vader daarentegen kan zijn trots en eigenwijsheid, tot irritatie van de lezer, niet opzij zetten en blijft volharden in zijn armetierige leven.
Behalve de ontwikkeling die Benno doormaakt is er ook de vriendschap tussen hem en zijn beer, die misschien wel het beste is samengevat in de zin 'zoals hij (de beer) altijd alles wist van mij (Benno)'. In het hele boek is deze voelbaar. Als Beer ligt weg te kwijnen in de dierentuin is het Benno die hem weer aan het eten krijgt. Maar het is ook Benno die Beer weer terugbrengt naar het woud. Want dat is de plek waar hij uiteindelijk thuishoort.
Omdat Zucker ervoor koos Benno in de ik-vorm zijn verhaal te laten vertellen, is de jongen heel dichtbij de lezer. De lezer kan zich makkelijk met hem identificeren, door zijn manier van doen, zijn gedachten en zijn taalgebruik. Bovendien schrijft Zucker zo beeldend dat de lezer zich vanaf de eerste bladzijde kan laten meeslepen. Benno's beer is daarmee een prachtig boek voor berenliefhebbers en alle anderen.

Het is nog aardig om te vermelden dat Beer echt bestaat. Naomi Zucker zag hem voor het eerst tijdens een vakantie in Istanbul. Snel verdween hij in de massa, maar hij bleef in het hoofd van Zucker. Hij dwaalde daar rond. En op een dag was Benno er ook.

Naomi Zucker - Benno's beer, Hillen, 2003
P.M.

« Terug