Jutta Richter - De dag dat ik spinnen leerde temmen

"Hoe 'vriendschap' en 'erbij horen' tegenstrijdig kunnen zijn." 
spinnentemmer.gif

Jutta Richter - De dag dat ik spinnen leerde temmen

 Vanaf 10 jaar.

In iedere stad en in ieder dorp is er wel één te vinden: een keurige buurt, waar het gras wordt aangeharkt, hekjes de tuinen afbakenen en de gordijnen recht hangen. Een buurt vol keurige mensen. En tegelijkertijd een buurt waar 'anders zijn' niet wordt getolereerd. In zo'n buurt woont de hoofdpersoon van De dag dat ik spinnen leerde temmen, een boek van Jutta Richter. In de ik-vorm vertelt ze, het wordt al snel duidelijk dat het een meisje is van ongeveer negen jaar oud, haar verhaal. 
Het begint met de introductie van een vriendengroepje. Vier kinderen, twee jongens en twee meisjes, uit dezelfde straat vormen een verbond. En daar hoort Rainer, ook uit dezelfde straat, niet bij. Want Rainer is een spelbreker, een lelijkerd en heeft een rare familie. Dat zeggen de mensen van de keurige buurt. 
Maar de vertellende hoofdpersoon weet wel beter. Rainer verjaagt voor haar de kelderkatten, monsterspinnen, neemt haar mee naar het spookhuis en leert haar zelfs spinnen te temmen. Ze is daarom bevriend met Rainer. Maar het is moeilijk om die vriendschap vol te houden. Vooral wanneer een buurjongetje Rainer recht in het hart treft en hij, verblind van woede, het jochie bewusteloos slaat. Vanaf dat moment is de hoofdpersoon 'die daar'. 
In eerste instantie lukt het haar nog wel om zich hier weinig van aan te trekken, maar ze is bang. Bang door onwetendheid, omdat ze geen of maar half uitleg krijgt op haar vragen. Bang voor de grillen van haar tirannieke vader, want hij maakt, behalve haar spulletjes, ook langzaam haar eigenheid kapot. En bang voor haar moeder van wie ze altijd maar moet bidden. Als ze vervolgens ook nog eens (middenin de warme zomer!) vier weken huisarrest krijgt omdat ze Rainer heeft binnengelaten terwijl haar ouders niet thuis waren, vraagt ze zich af wat je eigenlijk aan een vriend als Rainer hebt. 
Precies op de dag dat ze eindelijk spinnen kan temmen en ze wraak wil nemen overlijdt een opa in de straat. Dat leidt de aandacht van 'die daar' af en de hoofdpersoon krijgt de kans om opgenomen te worden in het vriendengroepje. Als ze maar zegt dat ze niet meer Rainers vriendin is.

De dag dat ik spinnen leerde temmen eindigt met hetzelfde voorval als waarmee het boek begint: de bijeenkomst van het vierhoofdige vriendengroepje onder het spoorviaduct en de ontmoeting met Rainer. Maar nu gaat de beschrijving verder en wordt het duidelijk dat het de hoofpersoon niet lekker zit dat ze er nu helemaal bij hoort. Want Rainer was haar vriend. Haar allereerste echte vriend.

De gekozen vertelwijze, een hoofdpersoon die in de ik-vorm haar verhaal vertelt, maakt het boek erg aangrijpend. Als lezer zit je in het hoofd en lichaam van het meisje, kijkt door haar ogen en voelt haar angsten, twijfels, verdriet en oprechtheid. Ook voel je de beklemming van de straat. En je gaat een grote hekel krijgen aan de ouders van het meisje. Dit maakt De dag dat ik spinnen leerde temmen tot een boek waardoor je als lezer weer eens stilstaat bij de inwendige strijd die kinderen soms moeten voeren om erbij te (willen) horen. Het is een indringend boek, zonder zwaar op de hand te zijn, dat is bekroond met de Deutscher Jugendliteraturpreis.


Jutta Richter - De dag dat ik spinnen leerde temmen, Lannoo, 2002

(P.M.)

 

 

« Terug